Een Levende Bodem - "Wat kost het?" : Leve(n)de Bodem

Door Pat Horst

De lange rij van landbouwers en project-verbonden mensen, die voor een mobiele frituur stonden, was niet te missen. Rond lunchtijd stond ik ook in de schuur van ‘Van der Borne Aardappelen’, dus de frietjes als lunch waren heel passend. Het zou minstens 20 minuten duren tot ik mijn frietbonnetje zou kunnen inleveren, dus eerst even rondkijken. Het slotevenement van ‘Leve(n)de Bodem’ was al een paar uurtjes bezig maar ik was nog op tijd om de presententatie mee te maken van Jacob van der Borne – de eigenaar van de boerderij waar het evenement plaats vond.

Het ‘Leve(n)de Bodem’ project - dat eind september afloopt - verbindt bodemspecialisten met landbouwers, zodat zij duurzame bodemmanagementtechnieken kunnen toepassen voor een hogere opbrengst, en lagere uitstoot van CO2. De presentatie van Jacob ging over ‘precisielandbouw’ en het analyseren en monitoren van de aardbodem. In eerste instantie leek het geen sexy onderwerp, maar het was zeer fascinerend en blijkbaar ook noodzakelijk. De samenstelling van de bodem beïnvloedt de opbrengst, dus als er gebrek aan voedingstoffen of water is, dan voelt de landbouwer dat meteen in zijn/haar portemonnee. Jacob toonde een thermische luchtfoto dat het verschil tussen de gewassen en de buitentemperatuur duidelijk liet zien. Het bleek dat de gewassen ongeveer 5°C warmer waren dan de buitentemperatuur, en dus een gebrek aan water hadden.

Het analyseren van de bodem kan veel data opleveren, maar als de landbouwer er niet van profiteert, dan is er weinig reden om in de technologie te investeren. Het analyseren van de bodem vereist ook testen met meerdere gewassen, zodat de landbouwer weet wat wel en wat niet werkt. Dat kost ook tijd en geld, maar Jacob bedacht iets dat de investering de moeite waard maakt: in het kader van ‘precisielandbouw’ is hij van plan aardappelen, bataat, en pastinaak naast elkaar te laten groeien die hij analyseert en monitort. De oogst wordt uiteindelijk omgezet naar een lekker en kleurrijk puntzakje friet: een Frietje Precies.

Het was ook tijd om mijn frietjes op te smikkelen en naar de hoofdpresentatie te gaan. Het ging over de klimaatcrisis en de noodzaak van een gezonde bodem. Het overmatig gebruik van bestrijdingsmiddelen, meststof en zware machines verlagen de kwaliteit van de bodem en verhogen de uitstoot van broeikasemissies. Een gezonde bodem levert dus niet alleen voordelen op aan de landbouwer, maar ook het milieu profiteert ervan. Om de bodem te kunnen analyseren, moet de landbouwer apparatuur aanschaffen of iemand langs laten komen die de voedingstoffen kan meten. Uiteindelijk hangt alles af van hoeveel het kost – deze vraag kwam dan ook uitvoerig aan bod bij de daaropvolgende infosessies.

Deze sessies werden geleid door diverse landbouwmachinefabrikanten. Zij toonden allerlei installaties op tractorbanden, ploegen en spitmachines die kunnen dienen als oplossing voor de verbetering van de bodemkwaliteit. Niet landbouwer zijnde, was het allemaal indrukwekkend. Ik had geen idee van alle soorten ploegen en hoeveel luchtdruk er op de tractorbanden moet. De enige banden die ik weet op te pompen zijn de banden van mijn fiets, waarvan één een bult heeft. Zoals ik aan de prijs van een nieuwe binnenband denk, denken landbouwers aan hoeveel het kost om een band te kopen die de bodem minder verdicht. (Verdichting voorkomt dat regenwater de wortels bereiken, en hindert de circulatie van C02 en zuurstof). Maar in tegenstelling tot mezelf zien de landbouwers het resultaat in de opbrengst, pas maanden of jaren later na de aankoop.

Het slotevenement liet zien dat er veel interesse is in het aanpassen van nieuwe bodemmanagementprocessen en -technieken. Tijdens het netwerkmoment vroeg ik Leen Ervinck, projectcoördinator bij Inagro, en Franky Coopman, bodemadviseur, over de resultaten van het project. Leen vertelde dat dankzij het project tools zijn ontstaan die landbouwers kunnen gebruiken voor het analyseren van hun bodem, en dat er waardevolle connecties ontstonden tussen Vlaamse en Nederlands partners. “Ik denk dat de bodem tot leven gekomen is”, zei Franky gepassioneerd. Hij voegde eraan toe dat het belangrijk is voor landbouwers en bodemexperts ervaringen en technieken met elkaar te delen, en dat het project daaraan heeft bijgedragen. Er is zeker geen beter voorbeeld van dat, dan hier op het slotevenement.

Ik snackte nog aan wat groente, terwijl ik dacht aan de kosten van een gezonde bodem. Het ‘Leve(n)de Bodem’ project maakt het mogelijk voor bodemexperts tools beschikbaar te stellen, lab analyses te maken van de bodem en advies te geven aan landbouwers. Het is een ander verhaal als er moet betaald worden voor deze diensten en dat kan een hinderpaaltje worden. Maar ik heb met eigen ogen gezien dat er vele landbouwers in de grensregio van Vlaanderen-Nederland al overtuigd zijn van de voordelen van een betere bodem en bereid zijn om in duurzame bodemmanagementtechnieken te investeren.

Alle berichten

Pat Horst is Interreg Reporter binnen het programma van Interreg Volunteer Youth, een initiatief dat deel uitmaakt van het Europese Solidariteitskorps.